Stadsgesprek #45 Liedewij Loorbach van NieuweZijds Magazine

Liedewij Loorbach (36 jaar) startte begin dit jaar met het nieuwe gratis tijdschrift NieuweZijds Magazine. Ze schreef al veel over de stad voor Het Parool, vooral over jongerencultuur en het nachtleven. Ze werd benaderd door een oud-salesmanager die ruimte zag op de advertentiemarkt door het wegvallen van NL20. De inhoud richt zich op duurzaamheid, ondernemerschap en vooral op de trend dat bewoners en ondernemers zelf het heft in hand nemen. Inmiddels zijn de eerste vijf edities gemaakt en verspreid via cafés. “Betaald verspreiden is erg lastig, je komt er niet tussen in de schappen van de AKO’s van deze wereld, hoogstens bij Athenaeum. En ik vind het ook leuker dat het gratis is; dat mensen het lekker in een kroegje lezen.”

 

“Het is niet alleen aan de politiek hoe de stad er over 20 jaar uitziet”

 

Poeha-Amsterdammers
Loorbach is geboren in Rotterdam en kwam met een clubje middelbare schoolvrienden hier om te studeren. Ze had toen niet veel op met Amsterdam en Amsterdammers: “Amsterdammers hebben veel poeha, ze praten veel, maar doen weinig. Dat wilden wij niet. Het plan was naar Amsterdam te gaan, ons hier laten inspireren en dan weer terug. Uiteindelijk ben ik zelf zo’n poeha Amsterdammer geworden, maar wel eentje die dingen doet, zoals het NZ Magazine. Van dat clubje is er trouwens uiteindelijk maar eentje weer terug gegaan naar Rotterdam.”

Missionarisdrang
Het starten van een nieuw blad is ‘in deze tijden’ niet de meest logische stap. En al helemaal niet voor de doelgroep van NZ Magazine. Liedewij Loorbach omschrijft die als “25+, hoogopgeleid, maatschappelijk geïnteresseerd en zich druk makend over de wereld”. Zij zitten meer op de sociale media dan dat ze de tijd nemen een gedrukte krant of tijdschrift te lezen. Loorbach denkt dat print een verhaal beter kan overbrengen: “Ik zie natuurlijk ook alles voorbij komen op facebook enzo, maar een tijdschrift geeft meer rust.”
Wat de inhoud betreft wil zij laten zien wat er in de stad gebeurt en Amsterdammers inspireren, na te laten denken, maar ze vooral ook dingen zelf te laten doen. “Wat dat betreft heb ik wel een missionarisdrang. Ik wil die voorbeelden laten zien, van ondernemers, van duurzaamheid. En lezers overtuigen dat het niet alleen aan de politiek is hoe de stad en de wereld er over twintig jaar uitziet. Daar hebben we zelf een enorme invloed op.” Lachend voegt ze daaraan toe: “Tegelijk moet het ook weer niet te zwaar, te linksig worden trouwens.”

Relaxte stad
“Toen ik hierheen fietste, viel het me weer op hoe relaxt Amsterdam is. Zo rond 10-en ’s ochtends zie je de stad wakker worden. Vergelijk dat eens met New York waar men om zeven uur al de gym uitkomt, op weg naar een ‘pre-breakfast meeting’ en iedereen altijd druk is. Dan hebben wij het hier beter voor elkaar”, zo beschrijft Liedewij Loorbach waarom ze zich hier thuis voelt.
Daarbij hoort ook het grote aanbod aan cultuur, bedrijven en uitgaan. “Je kan ons vergelijken met Londen, terwijl we veel kleiner zijn.” Volgens Loorbach stralen Amsterdammers die tevredenheid ook uit, in ieder geval de mensen die het goed hebben en dat zijn er volgens haar veel. “Dat zijn toch allemaal levensgenieters, ze hebben rust en tijd. Dat zie je als er maar een straaltje zon is, meteen zitten alle terrassen vol, mensen pakken een stoeltje om op de stoep te zitten.”


Sociale waarde
Een terugkerend thema in NZ Magazine zijn alle bewonersinitiatieven en kleine projecten in de stad. Zelf werkt Loorbach mee aan een moestuin in haar buurt in Bos en Lommer. Daarmee draagt ze bij aan de levendigheid van de buurt, aan betrokkenheid en aan de maatschappelijke waarde. Maar de grond is eigendom van het stadsdeel en die wilde er een bijdrage voor hebben. “Mijn eerste reactie was ‘ Nee, we gaan niet betalen’. We hebben immers een maatschappelijke waarde. Maar ik begrijp het ook wel vanuit het stadsdeel.”
Liedewij Loorbach denkt aan een andere manier om de waarde van initiatieven te bepalen. “Je zou euro’s kunnen koppelen aan het oplossen van sociale vraagstukken. Hoeveel mankracht voorkom je bijvoorbeeld door zo’n moestuin met bewoners te doen. Het doodt alleen wel alle creativiteit en inspiratie als je alles moet verantwoorden, een plan moet schrijven, stichting oprichten, noem maar op. Daar wil ik me ook helemaal niet mee bezighouden. Wel met een kindermiddag organiseren.” Inmiddels zijn de moestuin en het stadsdeel overigens tot een overeenkomst gekomen.
Voor Liedewij staat dit voorbeeld voor een grotere gedachte: “Ik hoop dat we over tien jaar de waarde van dingen niet alleen in euro’s uitdrukken. Dan hoef je dat ook niet meer te kwantificeren en te controleren. Je laat mensen vrij en na bijvoorbeeld twee jaar kijk je of er genoeg gebeurd is. Hou op met alleen maar rekensommetjes te maken, met mensen te dwingen alleen maar in de plus te raken.”

Accepteren van risico’s
Een motto van Liedewij Loorbach zou kunnen zijn ‘minder regels, meer vrijheid’. Ze stoort zich aan de regeldrift en ziet de ondernemers die zij in NZ Magazine profileert daar ook mee worstelen. “Er zijn zoveel leuke ondernemers die ondanks alle regels toch de stad leuker en beter weten te maken. Daar moeten we echt trots op zijn. Dat wil ook laten zien in ons tijdschrift.”
Een van de dingen die Liedewij Loorbach dan ook zou willen veranderen in de stad hangt samen met het verminderen van regels. “Ik zou iedereen injecteren met een flinke dosis risico-acceptatie. Daar zit het probleem van nu, daar komen ook alle regeltjes vandaan. Een docent Rechten formuleerde dat een keer goed als ‘pech moet weg’. Als iedereen accepteert dat er dingen mis kunnen gaan, zou dat veel regels schelen. Al die angst voor dat er iets misgaat, zorgt ervoor dat er dingen niet gebeuren. Dat is zo zonde.”

Feestje bouwen
Liedewij Loorbach ziet de organisatie van feesten, clubs en festivals in de stad als iets waar we meer trots op mogen zijn in Amsterdam. Ze is dan ook zeer enthousiast over de mogelijkheden om 24-uurs horeca mogelijk te maken. Maar ook hier mogen de regels wel wat minder. “Ik ken bijvoorbeeld de mensen van Nuit Blanche, die organiseren op rare plekken feesten en dat kost zoveel energie. We kunnen echt trots zijn op wat we hier doen, eigenlijk is het uniek als er iets misgaat, dat gebeurt elders veel vaker. Probeer in Frankrijk op een festival maar eens een drankje te halen of binnen te komen. Dat doen we hier echt veel en veel beter.”

 

Meer lezen over NZ-magazine kan op www.nzmagazine.nl